Strategisch verduurzamen met CTS GROUP

Het Energieloket voor Bedrijven gaat langs duurzame ondernemers in de regio. Vandaag zitten we met Miriam de Groot en Johan Bakker van CTS GROUP in Nieuw-Vennep. Het bedrijf is opgericht in 1995 en onderhand uitgegroeid tot circa 250 vaste medewerkers en nog eens ruim 100 charters en uitzendkrachten. Zowel in de panden als het wagenpark wordt ingezet op duurzaamheid, mede dankzij Miriam en Johan. Wij spreken hen over de elektrificatie van hun wagenpark en hoe zij samenwerkingsverbanden en financiële drijfveren gebruiken om duurzame transities door te voeren.

Johan Bakker [J] is al 25 jaar werkzaam voor CTS GROUP eerst als verantwoordelijke voor de nationale distributie en nu verantwoordelijk voor Fleet & Facility waaronder ook de onderwerpen duurzaamheid en elektrificatie vallen.

Miriam de Groot [M], Commercieel Directeur, is één van de mede-oprichters. Zij werkt al 30 jaar bij CTS GROUP en is een voorvechter van het onderwerp duurzaamheid binnen het bedrijf.

Kunnen jullie ons wat vertellen over CTS Group?

M: Wij zijn in 1995 opgericht. We begonnen als landenspecialist voor goederenvervoer tussen Engeland, Nederland en Italië. Wij boden een halve pallet tot een hele auto aan, van hier tot Italië, terwijl andere vervoerders dat niet deden. We zijn inmiddels uitgegroeid tot vervoerder in heel Europa. Moet het er morgen staan? Dan doen wij dat. Heeft het geen haast? Dan kies je de economische service en wordt het in drie a vier dagen bezorgd, afhankelijk van de regio waar het bezorgd moet worden.

De meeste verzendingen doen wij vanuit Nieuw-Vennep. Dit is onze 'crossdock'-locatie: we halen goederen op en vervoeren ze nog op dezelfde dag, zonder opslag. We hebben een soort spoorwegboekje met de vertrektijden: om 8 uur gaat de ene vrachtwagen naar Frankrijk, om 10 uur de andere naar Italië, enzovoorts.

Daarnaast zijn we begonnen met het stallen van opslag voor klanten, op onze andere locatie in Rozenburg. Dat noemen we 'logistiek' en gaat via onze dochteronderneming Fulfilment Solutions (FS). Toen het concept van de webshop nog in opmars was, heeft een afstudeerder ons geholpen met de keuze voor een automatisch pick-en-pack systeem, de Autostore. Nu kunnen we met de opslagmachine zo telefoonhoesjes of accessoires uit de opslag halen en naar consumenten versturen. Dat scheelt tijd en kosten ten opzichte van handmatig picken en packen, en is minder foutgevoelig.

Wat hebben jullie precies verduurzaamd aan jullie wagenpark?

J: 24 trekkers, 17 motorwagens en ongeveer 100 opleggers. Naast eigen trekkende eenheden maken we gebruik van charters die met +/- 60 trekkende eenheden bij CTS GROUP worden ingezet. In 2022 hebben wij de eerste elektrische motorwagen aangeschaft, voornamelijk voor distributie in en rond Amsterdam. Dit jaar zijn er een tweede elektrische motorwagen en een elektrische trekker bijgekomen, en in september komt nog een elektrische trekker bij. Naast de elektrische voertuigen rijdt de rest van het wagenpark sinds december ’24 volledig op HVO100. Er is ondertussen ook één vaste charter overgestapt op HVO100 met de trekkende eenheden die voor CTS GROUP rijden.

M: Met HVO100 heb je ook al 90% minder CO2-uitstoot en je hoeft niks aan de auto's te veranderen. Omdat het prijsverschil toen zo groot was, hebben we ook die verandering geleide-

lijk toegepast en zijn we begonnen met maar een paar wagens. Bij verduurzaming spelen er zóveel factoren mee dat een accountant meestal geen harde handtekening kan zetten onder de uitkomsten. De overheid is niet altijd consistent, en de EU ook niet. Grote investeringen maak je op eigen inzicht en met eigen risico, want niemand vertelt je hoe het er over tien jaar uit gaat zien. Het was voor mij wel een eye-opener dat onze manier van vervoer, via netwerkdistributie, veel CO2 bespaart. Dat was mooi meegenomen.

Hoe werkt netwerkdistributie?

J: Sinds 2004 zijn we mede-oprichter van Netwerk Benelux, met een tiental partners binnen Nederland en België. Elke nacht komen de auto's naar een hub, worden producten uitgewisseld, en rijdt iedereen in zijn eigen regio. Daarnaast hebben we gezamenlijk besloten om mee te gaan met verduurzaming, dus met elektrificatie en HVO100. We zetten allemaal een of meerdere elektrische auto's neer. De kleinere partijen moeten dan misschien een beetje geholpen worden. Maar zo krijg je schaalvergroting.

M: Ik denk dat dat ook onze filosofie is: samenwerking. Een traditionele vervoerder heeft veel auto's op de weg die lange afstanden rijden, maar niet alle auto's zijn dan vol. Net als onze partners stonden wij met niet volledig beladen auto's in de file. Dus sloegen we de handen ineen. Dat is veel efficiënter.

Wat goed dat jullie met meerdere partners inzetten op verduurzaming!

J: Daar zijn echt wel wat vergaderingen overheen gegaan. Eerst was het nog de vraag of het nodig was. Maar we hadden het al over minder kilometers en meer regionaal rijden, dus waarom dan niet duurzaam?

M: Onze klanten zijn met name MKB bedrijven. We hebben daarom niet veel te maken met aanbestedingen waar duurzame oplossingen een vast onderdeel van zijn. Extra omzet door duurzaam te vervoeren is geen garantie en er extra voor betalen is daarom vaak nog een stap te ver.

Hoe bevallen die elektrische wagens?

J: Wij kochten eerst een kleine personenwagen, de Twingo, en een elektrische motorwagen. Daarmee zijn we gaan testen. Die leerweg is ons best bevallen, maar bij de chauffeurs heerste wel een beetje tegenzin. De meesten houden van het geluid van een motor. Dan weet je dat je rijdt. Het hielp dat onze eerste chauffeur heel enthousiast was. Wanneer ze eenmaal gewend zijn aan elektrisch rijden, vinden ze het wel leuk.

Natuurlijk is het niet zo dat je elektrisch kan rijden zoals je met een diesel doet. Door de elektrische wagens met name regionaal in te zetten, is er meer zekerheid voor de chauffeurs. Als de planning ziet dat er ruimte over is op de batterijcapaciteit, gaan we de volgende keer iets verder. Dan bouwen we op naar de maximale capaciteit. Tot nu toe hebben we nog niet onderweg hoeven laden, en dat is mooi, want op eigen locatie laden is het goedkoopst.

Zijn jullie nu helemaal klaar voor de zero-emissiezones?

J: Amsterdam is redelijk te doen met onze wagen hier, maar in Eindhoven bijvoorbeeld, moet je een partner hebben die 's nachts goederen meeneemt en vanuit hun depot wilt bezorgen.

Wat heeft geleid tot de beslissing om te gaan verduurzamen?

M: Als bedrijf doen we best veel voor onze omgeving. Dat staat in onze missie en visie. Lang volgden we de MVO-gedachte dat iedereen fit en vitaal moet zijn. Dit geldt voor zowel deze als de volgende generaties.

Op de muur bij CTS GROUP staan de doelen uitgelicht.

Transport is van zichzelf niet de meest duurzame business. Maar goederenvervoer is ook essentieel voor de economie. Ik wilde kijken wat we wél konden doen. Ik had het al een paar keer aangekaart. Er was ook een marketingdame die erop stond dat we er wat mee deden en zo ging het op een gegeven moment een beetje leven. Maar de kosten en risico's zijn onduidelijk. Als er dan een mooie subsidie is, heb je niet het gevoel dat je de lasten alleen draagt. Dan nog is een elektrische wagen vier keer zo duur als een diesel.

J: Met de zero-emissiezones, kilometerheffing en stijgende brandstofprijzen, wordt verduurzaming steeds belangrijker voor je bedrijfsvoering. Hoe langer je wacht, hoe lastiger het wordt. Daarom hebben wij nu al een investeringsplan liggen tot 2050.

M: het speelveld is ook niet altijd gelijk. Ons pand is opgeleverd in 2006, en toen was een laadplein nog niet aan de orde. Dan moet je het doen met de voorzieningen die je hebt en is de keuze om te investeren in elektrische wagens moeilijker.

J: We hadden niet voldoende vermogen voor het laden. In de eerste instantie had ik de stroom gesplitst van de lichtmast, zodat we de Twingo overdag konden laden, en dan ging 's avonds het licht aan. Daarnaast hebben we een dure kabel moeten leggen voor de motorwagen. Die 10K verdien je niet zomaar terug. Gelukkig hebben we later nog wat aanpassingen kunnen doen en hebben we nu zes laadplekken voor personenauto's, en vier voor vrachtwagens.

M: Eén van onze partners experimenteert nu met laadopslag uit oude batterijen. Zo kan je elkaar voorzien van informatie en ondersteuning en van elkaar leren.

Hebben jullie nog adviezen of tips voor andere ondernemers?

J: Wees niet bang. Ja, je loopt tegen problemen op, zoals je dat ook met verbrandingsmotoren doet. Maar het is echt te doen.

De grijpers en ringen die medewerkers van CTS GROUP kunnen lenen om de buurt schoon te houden. I.s.m NMCX.

M: Win advies in. Zoek informatie over subsidies en leer van elkaars best practices. Maar ook: het moet niet een opgelegd ding worden. Het moet gedragen worden vanuit een aantal mensen in je bedrijf.

J: Zo zijn we op een gegeven moment afval gaan scheiden. In het begin deden mensen misschien niet allemaal even serieus mee, maar langzamerhand is iedereen wel om. Je moet wel zelf onderzoek doen. Ik ben regelmatig bij workshops en webinars geweest. We hebben twee keer een subsidie gemist, de EIA (Energie Investeringsaftrek) omdat we achteraf pas hoorden dat die ook bestond. Dat was zonde.

M: We moesten veel zelf onderzoeken, maar ja, wie heeft de waarheid in pacht?

J: Tegen mij werd gezegd: je MOET snelladen. Maar je hoeft helemaal niet snel te laden. Onze auto's rijden overdag, komen s’avonds terug, en hebben de hele nacht om te laden. Binnen de huidige structuur redden we dat makkelijk.

Hebben jullie nog mooie toekomstplannen?

J: Als alles goed is, gaan we verhuizen. Dan wordt alles heel anders geregeld dan nu, met zonnepanelen en batterijopslag.

M: Het nieuwe pand geeft ons de kans nog duurzamer te opereren, ook een voorwaarde om ons op de nieuwe locatie te mogen vestigen.

Volgende
Volgende

Schneider Electric over slim energiebeheer en hun duurzame kantoorpand